Tagarchief: zeeschouw

Tussenstand: geen kuipbanken

Kuipbanken zijn verdwenenDe kuipbanken zijn inmiddels weggehaald. Het houtwerk staat op de grond terwijl Bolster op een kar staat. Het project is nu echt van start. Spannend.  Nadat we nog een keer een zak met water en ijs uit de tent hebben moeten laten lopen is nu het project gestart en staat ze binnen in de loods. Voor ons een geruststelling want ze stond in weer en wind te wachten op betere tijden. Gelukkig lijken die betere tijden nu gekomen. Kunnen wij in januari ook gaan klussen met schuurmiddelen en potten verf of lak.  De fotootjes zijn genomen met een mobieltje in een slecht verlichte loods dus beperkt van kwaliteit. Wel geven ze een indruk van het onderhanden werk en de vorderingen.

16122012025 16122012027 16122012028

Landrot

Zaterdagochtend 24 november was het dan zover. Voor dag en dauw uit bed om ver voor achten in de auto naar de jachthaven te rijden. Vandaag gaat Bolster naar de werkplaats voor de werkzaamheden aan de kuip. Het ijs stond op de steiger, de gangboorden en het dak. Ook het tentje was stijfbevroren. Een koud klusje dus, vooral het uitkloppen van de bevroren tent. Gelukkig kwam de mercedes na het gloeien in één keer op gang. Met half bevroren vingers werd het tentje opgeruimd en werden de trossen los gegooid. Het was erg mistig en vooral ook erg windstil, dus Bolster liet zich eenvoudig naar de kraan loodsen.

Mist in DNZVolgende stap was de mast plat en het staand en lopend want van de boot afhalen.  Met de lier en de bokkenpoot  was dat ook redelijk goed te doen, de koude vingers waren eigenlijk de enige complicerende factor.Toen dat eenmaal was gebeurd moest de mast eraf. Normaal doen we dat even met twee man maar vandaag werd dat even met de kraan gedaan. De 9 meter lange paal werd vakkundig opgepakt en op de mastenkar gelegd, waarna de mast naar de droge overwinteringsplek gebracht kon worden. Dit doen we omdat vorig jaar (mast plat, buiten) de mast niet droog genoeg bleek om goed te schilderen, dus dat moet dit seizoen dunnetjes over.

En dan komt het altijd spannende moment van het uit het water tillen van de boot. Hoe heeft de nieuwe epoxycoating van het onderwaterschip gehouden? Hoeveel aangroei zit er op ? Gaat alles goed met het hijsen ? Voor de booteigenaar natuurlijk allemaal heel spannend, de havenmeester weet wel beter. Geroutineerd wordt de boot opgetild en boven het droge gedraaid. De aangroei lijkt erg mee te vallen maar door de zwarte onderkant laat dat zich ook niet goed zien. Bij het afspuiten lijkt er toch nog wel het een en ander op de zitten. Gelukkig spuiten we nu de coating er niet af, hetgeen de laatste keer wel gebeurde.

Terwijl ik nog bezig ben met het schoonspuiten van Bolster arriveert de trekker/kar combinatie ook mooi op tijd.  We rijden de kar met het handje op de goede plek en na een paar keer steken staat de kar op de goede plek onder de kraan. Langzaam laten we Bolster zakken en worden er passende steunen voor de kielbalk gezocht en de stempels goed gezet. Het past allemaal net. Omdat we de kraan weer vrij moeten maken voor de volgende patiënt rijden we met de kar verder het terrein op om de voorbereiding voor de reis voort te zetten.

De helmstok moet er nog af, de stootwillen binnenboord, de zwaarden opgehaald en vooral moeten er sjorbanden omheen zodat de boel niet gaat schuiven. Dat is een precies werkje en dat kost ook de nodige tijd. Ook ruim ik het interieur op zodat deze ook bestand is tegen de reis zonder dat er allerlei zaken op de grond vallen. Achteraf valt dat allemaal wel mee want we zijn over een goede weg met een ultiem slakkengangetje gereden.  Rond de middag rijden we dan weg uit de haven. Omdat het nog steeds enorm mistig is besluiten we er als een volgwagen achter te rijden met knipperlichtjes.

Een half uur later arriveren we bij de plek van bestemming en zetten we voor de laatste keer het tentje er weer op. Binnen in de loods staat nog het nodige in de weg en dat zal eerst worden verplaatst voordat onze schouw een plekje binnen krijgt. In januari verwachten we te beginnen met de werkzaamheden aan de kuip. Tot die tijd kunnen we zelf ook werken aan het schip hoewel dat wel redelijk beperkt zal zijn vanwege drukke bezigheden elders. Het lijkt er op dat het onderhoud dit jaar erg meevalt ten opzichte van vorig seizoen. Dat is maar goed ook want de nieuwe kuip zal ook nog wel de nodige aandacht vragen van ons want het schilderwerk willen we eigenlijk zelf gaan uitvoeren. En we moeten nog een timmervakman met scheepvaart genen vinden die voor een schappelijke prijs met de houtwerk aan de slag wil.

Een reisje naar Enkhuizen – 6 november


Dit weekend wordt in Enkhuizen de Klassieke Schepen beurs georganiseerd; iets wat ons met een platbodem wel een leuke weekendbesteding lijkt.  Het is nog steeds wennen om een weekend door te moeten brengen op de wal.  Op naar Enkhuizen dus, waar we gelukkig droog weer treffen ook al is het kil en grijs en guur.

Eerst maar eens even rondkijken aan de steigers waar een hele verzameling grote en kleine klassieke schepen liggen.  Leuke gesprekken gehad en trotse rondleidingen door eigenaars van schepen.  De Deining (de schouw waar we ooit voor hadden ingeschreven voor de Waddencursus) lag er ook. Uiteindelijk zijn we daar nooit mee gaan varen, wel mee gaan opvaren op een Lemsteraak.  De kans om nu alsnog aan boord te komen lieten we niet glippen. ’s-Middags konden we inschepen. Daarna rondgezworven in de tent die veel standjes over van alles en nog wat bevatte.

We kwamen ook de stand tegen van  VSRP, de vereniging van rond-en platbodems waar je je schip kan laten registreren in het  ‘stamboek’  wanneer je aan de voorwaarden voldoet. Voor de zekerheid hadden we de maten en originele bouwtekeningen meegenomen.  Een heel leuk gesprek met een enthousiaste man die nota bene op (bijna) loopafstand van ons vandaan woont.  Hij heeft de tekeningen meegenomen en gaf ons goede hoop dat Bolster opgenomen kon worden in het Stamboek.  Er waren meer JonkerPaans schouwen met een officieel stamboekerkenning.  Grappig was dat een straatgenoot van ons – helaas net verhuisd – ook een Jonkerpaans Zeeschouw heeft. Inmiddels hebben we al een (voorlopige) goedkeuring binnen, en een registatienummer! Bolster is erkend als echte Zeeschouw. Om officieel in het stamboek te worden opgenomen moeten we nog een paar foto’s  (waaronder die van het onderwaterschip)  opsturen. Gelukkig hebben we die gemaakt toen Bolster in de touwen van de kraan hing.

Na een kop koffie en een broodje moesten we ons naar de Deining haasten voor de proefvaart. Het werd geen zeilen maar wel manoeuvreren op de motor. Een ervaren bevlogen schipper heeft ons de kneepjes van het sturen laten ervaren. Wat was ik blij met mijn lessen van Scheepswijs deze zomer. We voeren niet al te ver van de steigers van de Beurs en er waren heel wat ogen op ons gevestigd.

Het stilleggen van het schip, het achteruitvaren,  allemaal oefeningen die we ook met Marianne hadden gedaan kwamen weer aan bod met een totaal ander schip, groter en zwaarder en met een andere motor. Fred vond dat ik vooral aan het roer moest … eigenlijk best een goed idee want ik laat het toch (te) vaak aan hem over.  Als klap op de vuurpijl moest ik in een veel te nauwe inham tussen te dure schepen in ‘straatje keren’.  De eigenaar van een scherp jacht van een paar ton kwam al gestrest met een enorme stootwil aangerend om de dreigende botsing te voorkomen.  Niet nodig uiteraard, met een cm of 20 speling en heel gecontroleerd draaiden we langs zijn romp weg.  Maar goed dat hij de goudvissen op mijn rug en guppen in mijn handen niet gezien had.  De schipper gaf mij het vertrouwen dat het ging lukken. Terug naar de kade,  alweer aanleggen met veel te veel ogen, ging niet helemaal goed, maar omdat het vrijwel zonder snelheid ging, met stootwillen op de goede plekken ertussen,  was er geen schade en de enige stress die er was was bij mij als roerganger diep van binnen. Goed voornemen voor volgend jaar: meer oefenen op de motor! 

Cursus Varen op de motor

Een 7 ton zware zeeschouw met een 42 pk motor varen is toch wat anders dan een Friendship van 1200 kg met buitenboordmotor. Tenminste, zo voelt dat wel. Het grootste deel van de verhuizingsreis van Lage Zwaluwe naar Stavoren had ik op de motor gevaren en dat is inderdaad even wennen. Aanleggen, afvaren en sluizen is toch van een andere orde dan het Friendship. Om Marianne dat kunstje ook te leren heb ik de beproefde Scheepswijs organisatie ingeschakeld. Op de waddencursus hebben wij daar goede ervaringen mee opgedaan en ze hebben speciaal voor vrouwen en platbodems dit soort cursussen op het programma. Wij hebben gekozen om dat op eigen schip te doen. Ergens in mei kwam Marianne van der Linden zelf langs en daar waren we allebei blij mee aangezien we al de waddencursus van haar hadden gehad en wisten hoe ze instructie gaf. De dag bestond uit afvaren, aanleggen, sluis, manoeuvreren, achteruitvaren, stilleggen en -liggen, communicatie tussen bemanning bij deze manoeuvres. De belangrijkste les van de dag was toch dat je vooral moet leren luisteren naar je schip en daarop reageren en anticiperen. Vooral ook zorgen dat je precies zoveel vaart hebt dat je controle hebt in speciale verrichtingen maar ook niet meer dan dat. Het zal je niet in dank worden afgenomen wanneer je vol gas een sluis in komt stuiven met 7 ton staal. Een heel aantal schippers wordt dan toch wat zenuwachtig. Ook ik heb het nodige geleerd die dag en we kunnen nu met een gerust hart zeggen dat we beiden overweg kunnen met Bolster op de motor hoewel oefening natuurlijk altijd nuttig is in dit stadium. Al met al was dit een zeer goed bestede dag en we danken Scheepswijs dan ook voor alweer een geslaagde training.

Onze waddentocht (2)

Dit is een vervolg op Onze waddentocht (1).
Maandag 26 september: Vlieland haven, 0 NM, 17 graden, 0 – 5 bft var.
Vlieland is een mooi eiland en we blijven dan ook graag een dagje extra. De weersvoorspelling is ook al niet geweldig dus we maken een lange strandwandeling en gaan het dorp in. Ons plekje in de haven is geweldig, we hebben een ongestoord uitzicht op de ingang van de haven. Het is Vlielanddag in de charterwereld. Grote aantallen meermasters afgeladen met veelal Duitse pubers varen de haven in. Als het tegen de avond zachtjes begint te regenen besluiten we het dorp in te gaan en een hapje te eten in De Herbergh, dat is voor herhaling vatbaar.

Dinsdag 27 september: Vlieland – West Terschelling, 7 NM, 17 graden, 2 – 3 bft O.
Vandaag hebben we een korte tocht voor de boeg. De wind kwam van waar wij naar toe wilden, dus van zeilen kwam niet veel. Via het Stortemelk door het Schuitengat snijden we af naar Terschelling. Rustig varend op de motor worden we op het Stortemelk onder andere door een grote Janneau ingehaald die duidelijk veel haast had. Leuk is dan wel te vermelden dat deze een kwartier na ons arriveerde in de haven van West-Terschelling. Zo’n platte bodem heeft zo zijn voordelen. We meren een kilometer van het toiletgebouw af en liggen ’s ochtends vroeg al dubbel aan een motorjacht. In de loop van de dag komt het zonnetje er bij. Dan wordt het toch nog terrasweer, het is net vakantie. In de jachthaven is het rustig, er komt wel wat bij maar je kunt merken dat het seizoen ten einde loopt en het eigenlijk een cadeautje is van de natuur als compensatie voor de afwezigheid van een zomer. Toch is het in West Terschelling nog wel gezellig druk.

Woensdag 28 september: West Terschelling – Ameland, 34 NM, 20 graden, 0 – 2 bft O.
We willen op tijd vertrekken van Terschelling, want vandaag hebben we een lange tocht voor de boeg. Via het Oosterom naar de Blauwe Balg om zo het zeegat te vermijden. Vanuit daar naar het Westgat en het Molengat de haven in. Tussen 9 en half 10 varen was de planning. Maar de mist gooit roet in het eten. Het zicht is nog geen 50 meter onder Terschelling, uitvaren is gewoon niet verantwoord zo zonder radar. Rond 10 uur is het nog niet veel beter, ik zie onze planning de mist in gaan. Dan als een duveltje uit een doosje trekt de mist op. Kort overleg en gaan met die banaan. Snel de motor gestart, trossen los en op naar Ameland. De wind helpt niet en het wordt dan ook een lange tocht op de motor. Door het mooie Oosterom waar we de Grootvorst (afgebeeld op de 1800 serie kaarten 2011) nog tegenkomen. Voor de rest is het rustig op het water. De tocht verloopt voorspoeding en eenmaal bij de Blauwe Balg aangekomen moeten we wachten aangezien we net in de ondiepe, niet passeren tijden zitten. We besluiten dat niet te doen en door te varen via het Boschgat, Westgat en dan naar het Molengat te gaan. Het Boschgat gaat enorm snel, de stroming mee is enorm en we halen snelheden op een rustig draaiende motor tot 9 knopen. Zo gauw het verantwoord is steken we over naar het Westgat. Daar hebben we de stroming tegen. We staan stil dus een straal gas er bij maar met 2 knopen houdt het wel op. Dat wordt een lange slag, wel blij dat de golven en de wind vrijwel afwezig zijn. Het valt toch altijd tegen om naar Nes te varen en met de stroom tegen valt het al helemaal niet mee. Rond de kentering komen we bij de haven van Nes aan. Aangezien het rond springtij is staat er ook al niet al te veel water in de havenmond. Zelfs zo weinig dat we met onze 75 cm vastlopen in de blubber. We leggen maar vast aan de Vrouwe Geziena, een mooie, grote tjalk. Na een klein uurtje komt er beweging in en we starten de motor om de havenmond te verlaten. Dat kost nog de nodige moeite en de koeling zit ook nog in de blubber en deze doet niet veel koelen. De motor loopt dus in hoog tempo warm. Morgen zal ik koelwater eens bekijken en eventueel bijvullen. Het was een lange mooie dag met mooie natuur, zeehonden, veel indrukken. Nu is het tijd voor de innerlijke mensch: na een rondje Nes besluiten we ons te laten voeden in grandcafé Van Heeckeren. Lekkere stoelen, mooie en trendy tent met lekker eten en een prettige bediening. Daar waren we nou net aan toe.

Wordt vervolgd.

De verbouwing

Toen wij Bolster kochten was het een compleet uitgerust schip volgens de standaarden van de jaren 70. Alles om te motoren en te zeilen zat er op en er aan. Toch waren er een aantal zaken waar wij van vonden dat deze niet mochten ontbreken en een aantal opties die het leven op een boot aangenamer maken. En vooral ook het gebruik dat wij voor ogen hadden bij de aanschaf: groter water, droogvallen, Waddenzee. Denk daarbij aan (navigatie)verlichting, een apparaat dat het noorden aanwijst, de mogelijkheid om een flesje wijn en wat bier te koelen alsmede wat etenswaren (want niet iedere zandplaat heeft uitgebreide horeca…), een marifoon en de mogelijkheid om enkele dagen zonder walstroom ook nog gebruik te kunnen maken van deze voorzieningen. Daarnaast willen we ook de vloer kunnen schoonmaken met een dweil in plaats van een stofzuiger en ook de matrassen waren wel aan een opknapbeurt toe. Al met al een behoorlijke klus waar we ook externe expertise voor nodig hadden. Deze hebben we gevonden bij DTM jachtservice in Warns; een goede no-nonsense sfeer en iemand die met je meedacht in plaats van alleen maar dure oplossingen kon verzinnen. Daar is behoorlijk wat verspijkerd aan onze schouw. Naast de koelkast en walstroom aansluiting met voorzieningen voor drie dagen zonder externe stroomvoorziening, een mogelijkheid om ook de serviceaccu te laden op de motor, is er een marifoon + antenne geplaatst en overal verlichting aangebracht zodat varen in het donker ook kan en mag. Een kompas is lastig is op een stalen schip dus is er gekozen voor een wegklapbare GPS. Tevens bleken de startmotor en dynamo niet lekker te werken, ook dat is meegenomen in de reparatie en uitbreiding. Daarnaast hebben we bij de Matrassenfabriek in Heerenveen een matrassen op maat laten maken zodat slapen ook iets was waar je van uitrustte. Een zeiltje in plaats van het tapijt was ook zo gelegd. Daarmee is onze schouw weer klaar voor langer verblijf buiten een haven hetgeen voor waddentochten met droogvallen natuurlijk erg comfortabel is.

Een Zeeschouw

Het wad Omdat we toch wel erg gecharmeerd waren van een Zeeschouw hadden we eigenlijk nog 2 dingen te doen: oude boot verkopen (niet geheel onbelangrijk) en een zeeschouw selecteren uit het enorme aanbod. We zijn gewoon eens een aantal aanbieders van zeeschouwen afgeweest om te kijken wat er zoal te krijgen was. De diversiteit van het aanbod was behoorlijk: hout, staal, groot, klein, kaal, compleet, in goede staat, achterstallig onderhoud.Wat we zochten zat er echter niet bij: niet te groot, wel compleet uitgerust voor een meerdaagse tocht op de Waddenzee zonder daarbij een haven aan te doen. Of het was kaal, of het was te groot en gebruikt als woon/motorboot waarbij de zeiluitrusting in onduidelijke staat verkeerde. Zwaarden ? Welnee, die gebruik ik nooit, die staan nog 100 km verderop in een loods, dat is alleen maar lastig is een voorbeeld van een uitspraak van een verkoper. Kortom de keuze was niet zo makkelijk. Ondertussen was de lijst gekrompen tot een drie a vier mogelijke aanbieders van zeeschouwen: staal, tussen 8 en 9 meter (romp zonder aangehangen toestanden) maar wel allemaal kaal als in drie lampjes in het interieur, waterzak en wat gas en dat was het wel zo’n beetje. Bolster viel ook in die categorie maar had ten opzichte van de wat frequenter voorkomende type schouwen (Huitema, Kooijman De Vries , Westerdijk, Gipon) een wat stoerder uiterlijk. Veel binnenruimte, ruime kuip en (dat wisten we toen nog niet) ruim bemeten motor. Ook de 55m2 zeiloppervlakte sprak ons wel aan want om zo’n gevaarte op zeil in beweging te krijgen onder wat lichtere omstandigheden is toch een flinke lap nodig. Dus het werd de Jonkerpaans zeeschouw Bolster. Na een ontroerend afscheid van de eerste eigenaar werd ze overgevaren van de Biesbos naar Friesland waar ze haar nieuwe thuishaven vond in Stavoren. Wij hadden nu onze eigen platbodem. En nog een Friendship 25TS. Gelukkig werd die laatste een aantal weken later verkocht.

Op zoek naar een platbodem

Het was eigenlijk allemaal mijn eigen domme schuld. Ik had ons niet op moeten geven voor die cursus ‘ Wad intensief’ bij Scheepswijs. Dan had ik geen idee gehad hoe mooi droogvallen op het wad is, hoe zeehondjes er in het wild uit zien en hoe mooi ons waddengebied eigenlijk is. Dan waren we nog steeds naar volle tevredenheid op een Friendship 25TS over het IJsselmeer aan het crossen. Maar goed, dat heb ik dus wel gedaan en we hebben met ons tweeën genoten van die cursus. Onder leiding van Marianne van der Linden drie dagen op het wad gezworven, geen havens gezien en ontzettend veel geleerd. Navigatie, getijden, stroming, platbodems (we voeren op een Lemsteraak van een meter of 12), droogvallen, wantij, zeegaten en wat al niet meer. Natuurlijk kun je op een Friendship met ondiepe kiel een aantal van die zaken ook wel meemaken maar een platbodem geeft zoveel meer gemak. Friendship werd te koop gezet en de zoektocht naar een ander schip werd gestart. De hulpvraag is hier te lezen en de zoektocht is gestart. Vroeg in het seizoen onder winterkleden allerlei typen boten bekijken bij verschillende aanbieders. Vaak in slechte staat, te duur, te klein of juist te groot. Een grote grundel bij Heech by de Mar had mijn hart gestolen maar werd te groot bevonden en te arbeidsintensief met al dat houtsnijwerk. Wat opviel was dat de zeeschouwen die wij bezichtigd hebben in verhouding erg betaalbaar waren en vooral ook erg veel (binnen)ruimte hadden. Dus op zoek naar een zeeschouw….